Openingstijden

MA en WO: 09:00 - 17:00 |19:00 - 20:00
DI, DO EN VR: 09:00 - 18:00

Spoedlijn

24/7 bereikbaar
036-523 64 46

 

VHD en VHD2 (RHD en RHD2)

1-04-2017

Virusziekte VHD en VHD2 (RHD en RHD2)

Enkele jaren geleden zijn vanuit diverse delen van het land (o.a. regio Nijmegen, Groningen, Utrecht) meldingen binnengekomen over acute sterfte onder konijnen. Het ging hier om wilde én tamme konijnen. Uit onderzoek bleek dat de dieren zijn gestorven als gevolg van de konijnenziekte VHD (Viral Hemorrhagic Disease), ook wel RHD (Rabbit Hemorrhagic Disease) genoemd.

 

De ziekte is zeer besmettelijk en wordt veroorzaakt door een virus: het RHD-VIRUS. Dit verspreidt zich door direct contact tussen konijnen onderling, maar ook indirect via urine, uitwerpselen, water, voedsel, kleding, handen en hokken. Stekende insecten kunnen ook een rol spelen in de verspreiding. Gelukkig is dit virus niet gevaarlijk voor mensen of andere gezelschapsdieren zoals honden, katten, cavia’s en andere knaagdieren.

Een geïnfecteerd konijn zal veelal binnen 24-48 uur sterven. Benauwdheid en bloedingen zijn verschijnselen die soms gezien worden, vaak is er echter niets te zien aan het dier tot het moment dat ze sterven. Het komt daarom ook voor dat een konijn dood wordt gevonden, zonder dat de eigenaar iets gemerkt had. Om te voorkomen dat een konijn ziek wordt van het virus, wordt geadviseerd het dier jaarlijks te vaccineren. Het vaccin geeft een goede bescherming tegen Myxomatose (een andere virusziekte bij konijnen) en de gebruikelijke variant van het RHD-virus (RHD1). We hebben inmiddels ook te maken met een NIEUWE VARIANT (RHD2).

De faculteit diergeneeskunde adviseert de volgende maatregelen:

  • VACCINATIE TEGEN MYXOMATOSE, RHD EN RHD2. Vaccineren is de beste methode om te voorkomen dat de konijnen ziek worden als ze geinfecteerd zouden worden.
  • Ruimtes waar mogelijke besmette konijnen zijn geweest moeten grondig gereinigd worden met water en zeep. Daarna moeten ze nog gedesinfecteerd worden.
  • Voer geen (vers) gras of groente van buiten (moestuin) aan uw konijn. Kijk ook uit met het voeren van hooi of kuilvoer waarvan u vermoedt dat wilde konijnen er bij kunnen zijn gekomen.
  • Goede (hand)hygiëne is belangrijk om verspreiding van het virus te beperken; was uw handen extra goed met water en zeep vóór en na het voeren en verzorgen van uw konijn.
  • Pas op met besmette konijnenveldjes (besmet met urine van wilde konijnen). Via uw schoeisel kan het virus verspreid worden. Houdt u uw konijnen binnen? Wissel van schoeisel bij het naar binnen gaan. Houdt u uw konijnen buiten, bijvoorbeeld in een ren in de tuin? Dan kunt u daar het beste andere schoenen dragen dan dat u op straat draagt. Laat uw konijnen in ieder geval niet in contact komen met schoeisel waarmee u over mogelijk besmet terrein heeft gelopen.
  • Laat bij acute sterfte onder uw konijnen een pathologisch onderzoek uitvoeren. Uw dierenarts kan u hierbij adviseren.
  • Treft u dode wilde konijnen aan? Meldt deze dan bij het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) via hun website www.dwhc.nl/report.html.
  • Speciaal voor konijnenopvangadressen, kinderboerderijen etc.: het is aan te raden het ‘verkeer’ van konijnen te minimaliseren, tenzij er een goede quarantainevoorziening aanwezig is. Ieder nieuw konijn kan immers een risico inhouden.